Hoe wilt u eigenlijk wonen? 

Probeer om zelf het initiatief te behouden. Onderzoek direct in het begin uw kansen om zoveel mogelijk van uw eigen ideëen gerealiseerd te krijgen. Denk na over onderstaande vragen. Zowel bij het ontwikkelen van uw eigen plannen als bij toetsing daarvan door de afdelingen Wmo en Bouwzaken van uw gemeente komen deze zeker aan de orde.

• Zijn de gewenste aanpassingen voldoende toekomstbestendig? Ook bij kinderen of progressieve aandoeningen?
• Zijn grote aanpassingen in de woning technisch en financiëel mogelijk?
• Wat laten de regels van bestemmingsplan en Welstand toe?
• Wat laat de woningeigenaar toe, wanneer het om een huurwoning gaat?
• Wat vinden uw buren van uw bouwplannen, die misschien hun zon of uitzicht 
wegnemen?
• Hoe courant blijft de woning na aanpassing, bij een eventuele toekomstige verkoop?
• Kunt u (een deel van) de kosten vergoed krijgen via Wmo of fondsen?
• Heeft u zelf mogelijkheden (ook financiëel) om in een oplossing te voorzien?

Verbouwen...

Veel mensen hebben er moeite mee, hun vertrouwde woning en woonomgeving te verlaten. Naast alle rompslomp die er toch al is rondom de aandoening. Zowel de medische als de emotionele kant van een handicap kunnen een loodzware last zijn. Nog los van al het "geregel" dat een en ander met zich meebrengt. Toch zal de Wmo u soms nadrukkelijk de mogelijkheid van verhuizen voorleggen. Verhuizen is in de ogen van uw gemeente meestal de "goedkoopst compenserende voorziening". Er behoeft in dat geval alleen een "verhuiskostenvergoeding" te worden verstrekt, van maximaal enkele duizenden euro's. Wilt u niet verhuizen maar verbouwen, schakel dan zelf een deskundige in voor een "second opinion". Over de deugdelijkheid van de gebruikte argumentatie. En over de mogelijkheden om uw huis toch adequaat aan te passen. Valt dit gunstig voor u uit, probeer dan te onderhandelen met uw gemeente. Liefst vóór u van Wmo een formele "verhuisbeschikking" ontvangt. Onderbouw uw visie met zinnige ergonomische argumenten. Toon aan hoe belangrijk de woonomgeving is voor betrokkene en diens leef- en zorgmogelijkheden. Denk aan dagelijkse burenhulp ("mantelzorg"), en de nabijheid van belangrijke voorzieningen, zoals winkels, school, kerk, vrienden ed. Ook uw financiële situatie is belangrijk. Let verder op de verkoopbaarheid van uw woning, en de tijdige beschikbaarheid van een geschikt alternatief.
Een aanrader is, om al in een vroeg stadium de woningmarkt te verkennen. Ook als verhuizen voor u geen optie is. Leg een archiefje aan met gegevens van (in de ogen van uw gemeente) waarschijnlijk geschikte woningen. Binnen uw financieringsmogelijkheden. Wanneer u in een later stadium met uw gemeente onderhandelt over aanpaskosten van de huidige woning, kunt u met zo'n archiefje aantonen, dat u serieus hebt gezocht naar verhuisalternatieven.

...of Verhuizen?

Komt u tot de slotsom dat uw woning inderdaad minder geschikt is? Weersta de verleiding, ongeschikte aanpassingen te accepteren, alleen om een verhuizing te voorkomen. Misschien kunt u zich er inderdaad tijdelijk mee behelpen. Realiseert u zich, dat de zorgzwaarte bij kinderen of progressieve aandoeningen op termijn toeneemt. Ga op zoek naar beter geschikte huizen, waar u eventueel zou willen wonen. Let, naast uw eigen woonwensen, vooral op de aanpassings mogelijkheden. Uw gemeente behoort u bij een verhuisadvies een eisenprogramma te verstrekken, waaraan volgens Wmo een geschikte woning moet voldoen.
Laat daarnaast ook zelf een bouwkundige, met verstand van intensieve zorg, de geschiktheid van de beoogde woning vaststellen. Vanwege de kosten heeft Wmo de voorkeur voor inpandige oplossingen boven het aanbouwen van m2's.
Licht altijd uw gemeente in vóór u tot verplichtingen (koop of huur) overgaat. Laat u dit na, dan kunt u uw recht op subsidie verspelen!!!
Als alternatief kunt u de Wmo-goedkeuring als ontbindende voorwaarde in het contract laten opnemen. Geef niet op, wanneer een woning om deze reden aan uw neus voorbij gaat. Actief doorzetten en verder zoeken wordt beloond! De ervaring leert, dat Wmo-consulenten u serieuzer nemen en alerter optreden, wanneer u opnieuw met woningen blijft komen.

Boven aanpassen met lift...

In de meeste woningen wordt beneden gewoond en boven geslapen. Een belangrijke keuze- optie is die voor het aanpassen van de slaapverdieping, tov. het uitbouwen van de begane grond. Beide opties hebben hun voors en tegens. Bij jonge kinderen heeft boven aanpassen het emotionele voordeel, dat iedereen bij elkaar op de verdieping blijft slapen. Ook een eventuele nachtelijke verzorging kan eenvoudiger zijn, wanneer alle zorgvoorzieningen boven bij elkaar liggen.
Daarvoor is een liftvoorziening vereist, variërend van een stoeltje aan de trap tot een rolstoellift. Bij de gangbare huis- of "platformliften" dient de gebruiker onderweg een knop ingedrukt te houden. Daarvoor is enige zelfredzaamheid of begeleiding vereist. De lift is minder snel dan u via de trap gewend bent.
Voor intensieve zorgtaken, moet u telkens (per lift) naar de verdieping. Het benutten van de verdieping kan echter een uitkomst zijn, wanneer de begane grond in uw woonsituatie onvoldoende mogelijkheden biedt. Bedenkt u dat naast plaatsing van de lift zelf, ook de indeling van de verdieping meestal aangepast moet worden. Liftleveranciers hebben zelden de deskundigheid, om daarvoor een adequaat verbouwplan te ontwikkelen.

...of alles beneden?

U verblijft doorgaans het grootste deel van de dag op de woonverdieping beneden. Daar vinden de belangrijkste aktiviteiten van het gezin plaats. Beneden aanpassen blijkt in de praktijk het meest efficiënt. Minder mobiele personen krijgen hiermee een grotere zelfredzaamheid. Ze kunnen zich terugtrekken op hun kamer, met de daar aanwezige huiswerk- of speelvoorzieningen. De verzorgers kunnen altijd eenvoudig een oogje in het zeil houden.
Nadeel is, vooral 's nachts, de grotere afstand tot de verdieping. Niet alleen emotioneel (één persoon slaapt apart beneden), maar ook praktisch (nachtverzorging). Communicatie- hulpmiddelen als intercom of camera nemen deze bezwaren gedeeltelijk weg. Let op dat de zorgruimten beneden ten koste gaan van tuin, garage of een andere ruimte. En dat de verdieping zonder liftvoorziening (die in deze situatie niet subsidiabel is) voor één bewoner ontoegankelijk wordt.